Verkenners Gidsen

Inhoud:

De Verkennertak is voor leden tussen de 14 en 16 jaar. Deze tak staat voor meer avontuur en men gaat meer in op technieken. Deze tak heeft een zeer gevarieerd programma met zowel bosspelen als dorpspelen, maar ook speciale activiteiten zoals Camel Trophy, spiodropping en 24-Urentocht(deze lijst kan nog doorgaan). Het doel van de leiding is om een fijne sfeer te creëren. Dit trachten we te bereiken met inspraak van de leden en door enkele belangrijke thema’s aan bod te laten komen zoals co-educatie, solidariteit en teamwork. Vooral dit laatste is zeer belangrijk omdat de Verkenners-Gidsen meestal een kleinere tak zijn, waar een goede teamsfeer essentieel is.

Patrouilles:

De verkenners- en gidsentak maakt  ook gebruik van een patrouillewerking. Aan de ene kant hebben we de panters (geel lintje), aan de andere de elanden (oranje lintje). Bij de vlaggengroet is de kreet: Panters: “Panter Lenig” Eland: “Eland Galant”, Takleider: “Verkenner-Gids is steeds” , Alle Verkenners-Gidsen: “Bereid”. Het voordeel van de patrouillewerking is dat de Verkenners-Gidsen in groep leren samenleven en zo elkaars mening leren respecteren. Elke patrouille heeft een patrouilleleider (PL) en een assistent-patrouilleleider (APL). De PL is herkenbaar aan de twee verticale witte strepen op de linkerborstzak. De voornaamste taak van de PL is om leiding te geven binnen zijn patrouille en proberen om de anderen te helpen waar hij of zij kan. De PL is ook diegene die “Panter” of “Eland” roept op de vlaggengroet, waarna de rest van de patrouille respectievelijk “Lenig” en “Galant” roepen. De assistent-patrouilleleider (APL) heeft één verticale witte streep op zijn linkerborstzak. Zijn taak is om de PL bij te staan bij alles en hem, indien nodig, hulp te verschaffen. De APL neemt de taken over van de PL als hij er niet is.

Extra’s:

-    Als hij het merendeel van de activiteiten en het kamp meegaat, krijgt de eerstejaars Verkenner-Gids zijn     totemnaam. Hoe en op welk tijdstip dit gebeurt, is een groot geheim en is voor bijna iedereen een raadsel.
-    De tweedejaars Verkenners-Gidsen krijgen hun adjectief of voortotem. Dit is een karaktereigenschap die een bepaalde persoon kenmerkt. Op kamp moeten ze letters verzamelen door allerlei opdrachten uit te voeren. Wie goed heeft gewerkt, zou normaal gezien zijn adjectief moeten vinden tijdens het kamp, anders heeft men pech
-    Eens om de twee jaar mogen de Verkenners-Gidsen mee op buitenlandse reis. Dit is meestal een trektocht van ongeveer een week, en alles moet mee in één rugzak. Elke dag wordt er ongeveer een 20 à 30 kilometer afgelegd en hierna slaapt men in tenten of in hutten. De buitenlandse reis situeert zich meestal in een week van de Paasvakantie of een week in het begin van de Zomervakantie. Dit jaar gaan de Verkenners-Gidsen naar Corsica, twee jaar geleden was er een reis naar Noorwegen.
-    Als je Verkenner-Gids wordt, volgt er een doop. Zo kunnen we zien of je het echt in je hebt om deel te mogen uitmaken van de VG te zijn. Eens dit achter de rug is, ben je volwaardig lid van deze tak. Als men wegens echt niet kunnen of door lafheid niet kan komen naar de doop, zal deze op kamp plaatsvinden.